DE 4 C's VAN DIAMANT 

Om de kwaliteit van een diamant te omschrijven, maakt men gebruik van de 4 C's:
CARAT (karaatgewicht), CLARITY (zuiverheid), COLOUR (kleur) en CUT (slijpsel).

CARAT (karaatgewicht)

Het gewicht van diamant wordt uitgedrukt in METRIEK KARAAT - 1 caraat = 0,20 gram.
In het verre verleden was het wel mogelijk om niet al te lichte objecten te wegen, maar men had geen contra-gewichtjes om heel kleine en lichte kristallen te wegen, zoals allerlei fraai gekleurde edelstenen en natuurlijk ook het mysterieuze diamant.
Al in de oude tijden was bekend dat de gedroogde zaadjes van de Johannesbroodboom (Carub) een zeer constant gewicht hadden van, zoals later berekend werd, 0,2 gram, en zeer geschikt waren om kleine edelstenen te wegen - zo werd carub de standaard voor de weging.
Het huidige woord Karaat stamt af van Carub, en werd de benaming voor het wegen van edelstenen.
In het begin van de 20ste eeuw werd dit gewicht van 0,2 gram gestandaardiseerd in het metrieke stelsel - 1 karaat werd 0,2 gram en onderverdeeld in 100 punten van 0,002 gram - een diamant van, zeg, 1,25 karaat gewicht noemt men een steen van 1 karaat en 25 punten.
Het karaat is een eenheid van gewicht en moet niet verward worden met het karaat van edelmetaal.
Dit karaat is een verhoudingsgetal voor het mengen van edelmetaal met andere metalen, 14, 18, 22, 24 Karaat.
24 karaat is zuiver goud, bij de lagere getallen zijn andere metalen toegevoegd in een vaste verhouding, resulterend in het gehalte.
Voor het wegen van diamant gebruikt men electronische weegschalen met een precisie van 1/100.000 gram - Diamantprijzen worden bere-
kend door het exacte gewicht van de steen met de karaatprijs te vermenigvuldigen.

Afbeelding / Picture


CLARITY (zuiverheid)

Elke diamant bevat in meerdere of mindere mate insluitsels of onzuiverheden die zich zowel in de materie als ook aan het geslepen oppervlak kunnen bevinden - door de vorming van diamant onder enorme druk en hitte, zijn stenen zonder insluitsels zeldzaam. 
De zuiverheid van een diamant wordt bepaald door het aantal, de grootte, de helderheid en de plaats van de insluitsels en de onzuiverheden aan het geslepen oppervlak van de steen. 
Aan de insluitsels kan men de diamant herkennen, het is eigenlijk de vingerafdruk van de steen.
Wanneer de geoefende diamantair met een loupe van 10x vergroting geen insluitsels kan ontdekken, dan noemt hij de steen loupezuiver.

CLARITY (zuiverheid)

VERKLARING

DEFINITIE

IF

Internally Flawless

Insluitsels zijn niet zichtbaar voor het geoefende oog wanneer gezocht wordt met een loupe die 10 x vergroot

VVS 1

Very Very small Included 1

Insluitsels zijn zeer, zeer moeilijk te zien met een loupe die 10 x vergroot

VVS 2

Very Very Small Included 2

Insluitsels zijn zeer moeilijk te zien met een loupe die 10 x vergroot

VS 1

Very Small Included 1

Zeer kleine insluitsels, erg moeilijk te zien met een loupe die 10 x vergroot

VS 2

Very Small Included 2

Zeer kleine insluitsels, moeilijk te zien met een loupe die 10 x vergroot

SI 1

slightly included 1

Zichtbare insluitsels, gemakkelijk te zien met een loupe die 10 vergroot

SI 2

slightly included 2

Zichtbare insluitsels, erg gemakkelijk te zien met een loupe die 10 x vergroot

P 1

Piqué 1

Insluitsels moeilijk te zien met het blote oog, schittering van de steen nog goed  

P 2

Piqué 2 

Insluitsels te zien met het blote oog, schittering van de steen minder goed

P 3

Piqué 3

Insluitsels gemakkelijk zichtbaar met het blote oog, duidelijk mindere schittering van de steen


N.B.: Grotere en duurdere geslepen diamanten worden meestal geleverd met een, door een onafhankelijk laboratorium opgemaakt,
technisch rapport, waarin alle bijzonderheden van de steen uitgebreid worden uiteengezet.

COLOUR (kleur)

De mooiste diamanten zijn kleurloos, hoewel het merendeel varieert tussen kleurloos en gele of bruine tinten.
De kleurloze diamant laat de prisma-werking het best tot zijn recht komen, waarbij, door de hoge kleurschifting (dispersie), het licht ontleed in de kleuren van de regenboog  als het ware versterkt uit de steen terugkomt. 
Naast de "gewone"diamanten bestaan er ook diamanten met zeer bijzondere kleuren zoals bijvoorbeeld blauw (De Hope-diamant),
groen, intens geel, oranje etc.  - deze "fancy"-kleuren zijn uiterst zeldzaaam en kostbaar.
Om de zeer kleine kleurverschillen in diamant te bepalen, maakt de diamantwereld gebruik van internationaal geaccepteerde normen.
 

Afbeelding / Picture

Voor het bepalen van de kleuren beschikt de expert over diverse kleurschalen die door de eerder genoemde laboratoria zijn vastgesteld.
Ter vergelijking worden z.g. "Masterstones" gebruikt - diamanten waarvan de kleur op wetenschappelijke wijze is vastgesteld. Ook is het mogelijk om de kleur langs electronische weg, via ingewikkelde apparatuur, te meten onder laboratorium-condities.


CUT (slijpsel)

Reeds in de 15e eeuw was het bekend dat een diamant op een bepaalde manier geslepen moest worden om het zijn "vuur"en "glans"te geven, en geleidelijk aan slaagde men er in om meer facetten (vlakjes) op de steen te slijpen, tot het omstreeks 1700 lukte om het
briljantslijpsel te ontwikkelen - hierbij was de basis een kussenvormige steen met 58 facetten, waarbij geleidelijk aan het 58ste facet,
het "collet" oftewel de punt aan de onderkant van de steen, verdween.
Begin 20ste eeuw was het de wereldberoemd geworden slijper Tolkowsky die de mathematische verhoudingen bepaalde om het hem mogelijk te maken het maximum aan vuur en glans, het "leven", uit de steen te halen.

  Afbeelding / Picture

  Afbeelding / Picture

Hierbij worden 57 facetten of vlakjes op de steen geslepen, ieder met eigen naam en proportie, zodanig dat, wanneer er licht door het bovenste grote vlak, de Tafel, in de steen valt het door weerkaatsing langs de facetten weer uitstraalt.
Behalve de juiste proporties moet een brillant ook beschikken over de juiste afwerkingsgraad, de "finish Grade", welke elke afwijking meet ten opzichte van een strikte symmetrie en uitgedrukt wordt in Very Good, Good en Poor, (zeer goed, goed en slecht).
Buiten de slijpvorm brillant bestaan er nog veel andere vormen en worden er nog steeds nieuwe slijpwijzen geïntroduceerd.

  Afbeelding / Picture  

   Brilliant        Marquise      Pearshape       Oval    Emeraldcut   Heartshape       Trilliant            Princess
    

Bij geslepen diamanten kan door een onafhankelijk laboratorium een "technisch rapport"(certificaat) worden opgemaakt dat alle eigen-
schappen van de bewuste steen beschrijft - zo is bijvoorbeeld het certificaat van het toonaangevende laboratorium van de Hoge Raad voor Diamant in Antwerpen in overeenstemming met de "International Rules for Grading 
Polished Diamonds".
Deze, door de International Diamond Council (IDC), vastgestelde "nomenclatuur" is goedgekeurd door de World Federation of Diamond-
Bourses (WFDB) en de International Diamond Manufacturers Association (IDMA).
Een ander vooraanstaand laboratorium is dat van het Gemmological Institute of America (GIA).

Wat technische aspecten van diamant:

Diamant heeft een hardheid van 10 op de schaal van MOHS, dit betekent dat met diamant, immers het hardste mineraal, alle andere mineralen te bekrassen zijn, dit noemt men de RELATIEVE hardheid - Wanneer men stelt dat bijvoorbeeld saffier, met hardheid 9, bijna net zo hard is als diamant, dan komt men bedrogen uit - Het is daarom beter om te meten volgens de schaal van ROSIWAL, het meten van de ABSOLUTE hardheid volgens een vastomschreven standaard - Absoluut gemeten heeft saffier een hardheid van 1.000 en diamant een hardheid van 140.000!
Het soortelijk gewicht van diamant bedraagt 3,52 - De (licht)brekingsindex bedraagt 2,417 en de dispersie(kleurschifting) 0,044.

Afbeelding / Picture                                     Afbeelding / Picture

Diamant kristalliseert  in het CUBISCHE systeem - de meest fequent voorkomende vorm is de OCTAÉDER of 8-vlak.
De meest voorkomende kleur van diamant is kleurloos tot lichtgeel - Diamant bestaat voor ca. 99,95% uit KOOLSTOF met elementen als STIKSTOF(onstaan van de gele kleur), BORIUM(ontstaan van de blauwe kleur), kristallijne onzuiverheden(roze, groen en bruin) of een natuurlijke, groene, straling - het zijn vaak metaal-oxyden die het diamant kleuren - sommige diamanten fluoresceren door een reactie van het licht en de atomen van de steen in een blauwige tint, onder ultra-violette belichting - deze fluorescentie moet op een certificaat worden weergegeven. (Voor een uitleg over diamant-imitaties zie onder de knop CONSUMENT en klik op TIPS).